Voor veilige en efficiënte gegevensuitwisseling in de zorg is het belangrijk dat zorgaanbieders elkaar op een uniforme manier kunnen vinden en bereiken. Alleen dan kunnen gegevens, zoals verpleegkundige overdrachten en verwijzingen, op de juiste plek terechtkomen.

Deze Proof of Concept (PoC) onderzocht hoe de generieke functie Adressering en de technische afspraak Routering kunnen bijdragen aan gestandaardiseerde gegevensuitwisseling tussen zorgaanbieders.

Doel

Het doel van deze PoC was om te onderzoeken hoe zorgaanbieders patiëntgegevens op een uniforme manier kunnen verzenden en ontvangen.

Daarbij zijn de componenten van de generieke functie Adressering beproefd met behulp van een voorbeeldregistratie uit het Landelijk Register Zorgaanbieders (LRZa) en lokale adresboeken. Daarnaast is gekeken naar de samenwerking tussen de generieke functie Adressering en de technische afspraak Routering om zorgverleners te ondersteunen bij het vinden van de juiste ontvanger voor een gegevensuitwisseling.

De PoC richtte zich op twee praktijktoepassingen:

  • PoC 8: eOverdracht

het digitaal overdragen van verpleegkundige gegevens tussen zorgorganisaties, bijvoorbeeld wanneer een patiënt vanuit het ziekenhuis wordt overgedragen aan een verpleeg- of thuiszorgorganisatie.
 

  • PoC 9: BgZ-verwijzingen

het digitaal versturen van een verwijzing inclusief een Basisgegevensset Zorg (BgZ), zodat de ontvangende zorgverlener direct beschikt over de relevante patiëntinformatie.

Betrokken leveranciers

  • Nedap
  • Gerimedica
  • HINQ
  • NLcom
  • Bastion 365
  • SYS
  • OpenLine Vitaly

Wat is beproefd?

In deze PoC is onderzocht of zorgorganisaties en hun organisatieonderdelen op een gestandaardiseerde manier kunnen worden gevonden en geselecteerd voor gegevensuitwisseling.

Daarbij zijn onder andere de volgende onderdelen getest:

  • Het synchroniseren van lokale adresboeken met gegevens uit het LRZa.
  • Het vinden van zorgorganisaties en specifieke zorgafdelingen.
  • Het selecteren van de juiste ontvanger voor een gegevensuitwisseling.
  • Het versturen en ontvangen van notificaties.
  • Het ondersteunen van gegevensuitwisseling volgens het Notified Pull-principe.
  • Het uitvoeren van een end-to-end overdracht van gegevens tussen verschillende leveranciers.

    Authenticatie en autorisatie maakten geen onderdeel uit van deze PoC.

Resultaat

Voor PoC 8 hebben de betrokken leveranciers, Nedap, Gerimedica, HINQ en NLcom, succesvol aangetoond dat een eOverdracht end-to-end kan worden uitgevoerd. De overdracht kwam correct terecht bij het juiste organisatieonderdeel van de ontvangende zorgaanbieder.

Voor PoC 9 is door SYS en OpenLine aangetoond dat de generieke functie Adressering binnen de context van BgZ-verwijzingen kan worden gebruikt om zorgorganisaties, organisatieonderdelen en bijbehorende technische aansluitpunten te vinden. Ook is succesvol gedemonstreerd dat een BgZ-verwijzing naar een specifiek organisatieonderdeel kan worden verstuurd en verwerkt.

Tijdens de gezamenlijke demonstratie is de volledige ketenwerking succesvol doorlopen, waaronder:

  • het synchroniseren van lokale adresboeken met het LRZa;
  • het selecteren van een specifieke zorgafdeling binnen een organisatie;
  • het versturen en ontvangen van een BgZ-verwijzing volgens het Notified Pull-principe.

Alle testscenario's zijn succesvol uitgevoerd.

Conclusie

Deze PoC laat zien dat de generieke functie Adressering en de technische afspraak Routering toepasbaar zijn voor zowel eOverdracht als BgZ-verwijzingen. Zorgorganisaties kunnen hiermee op een gestandaardiseerde manier worden gevonden en bereikt, waardoor gegevensuitwisseling betrouwbaarder en efficiënter kan plaatsvinden. De resultaten laten zien dat de technische oplossing werkbaar is. Voor bredere toepassing en opschaling zijn echter duidelijke governance, betrouwbare bronregistraties en uniforme procesafspraken essentieel.